RSS
Geplaatst in Alles & Niets
BERICHT 0 reacties
15/09 2010

Wat ik later worden wil

Wat ik later worden wil. Vijf woorden die grammaticaal eigenlijk niet eens een correcte zin vormen maar met een vraagteken erachter toch een belangrijke reflectieoefening vereisen. Zelf werd mij die vraag zo’n twintig jaar geleden voor het eerst gesteld. In een poëzieboekje. Zonder vraagteken aan het einde. Want daarin kon dat.

Zo’n poëzieboekje bestond in 2 versies. Je had een versie waarin je moest tekenen (“tip tap top de datum staat op z’n kop”) en eentje waarin je allerlei flair-achtige vragen moest beantwoorden: naam, voornaam, broers, zussen, lievelingseten, lievelingsfilm,… Op die manier kwam je meer van elkaar te weten. Tenminste van de leuke mensen. Want alleen toffe klasgenootjes kregen je poëzieboekje mee naar huis. Voor 1 nacht. Het boekje langer houden was een halsmisdrijf.

Hoewel mijn vrouw mij best een toffe peer vindt, kan ik mij niet meer herinneren dat ik in veel boekjes heb mogen schrijven/tekenen. Eén ding is zeker: ik heb soms vervloekt dat een doktersbriefje niet geldig was om je van je “toffe-klasgenoot-in-poezieboekje” – taak te ontslaan. Ik vond het namelijk allemaal maar niets. En aangezien ik het tekentalent heb van een baviaan met geelzucht vervloekte ik vooral de tekenermaaroplos-boekjes. Ik ben intussen dan ook gespecialiseerd in de onderschatte kunst van het afkalkeren…

In de schrijfermaaroplos-versie vind ik van alle vragen de reeds bovengenoemde het meest confronterend: Wat ik later worden wil. Zeker als je op dat moment acht jaar bent en nu twintig jaar later kan terug kijken naar wat er echt van je geworden is. Ik ben alvast blij dat ik destijds die vraag toch voldoende ernstig heb genomen en niet gegaan ben voor de evidente/amusante/charmante keuze zoals enkele van mijn klasgenoten dat deden: clown, tovenaar, Superman,… Ik ben ervan overtuigd dat hun ouders blij zijn als niet alles zo is uitgedraaid zoals hun kleine spruit toen gehoopt had. Hoe ontwapenend schattig die beroepskeuzes ook op die leeftijd kunnen klinken. Ik wilde destijds ingenieur worden. Origineel? Neen, maar het getuigde tenminste van de ambitie voor een vast inkomen. Hoewel ook dat in deze tijden geen zekerheid meer is.

Van ingenieurs wordt verwacht dat ze een stevige wiskundige basis hebben. Toen na enkele jaren duidelijk werd dat ik evenveel kaas gegeten had van wiskunde als Kate Moss van Tartiflette wist ik dat ik mijn keuze moest bijschaven. Ik zou dan maar advocaat worden. Als puber in volle bloei leek mij dat geweldig: babbelen, je wordt er niet voor gestraft en je wordt er zelfs nog voor betaald ook. Nice! Intussen heb ik mijn rechtenstudies afgemaakt en werk ik al bijna 5 jaar als marketeer en communication manager. Het bevalt me hier dat het babbelen in een iets minder formele sfeer gebeurt dan in een rechtszaal. Ik heb zowaar mijn aversie voor wiskunde omgezet in een interesse voor cijfers.

Maar als men mij nu een poëzieboekje (of is het toch een poezieboekje?) zou geven, maakte ik alweer een andere keuze. Dan schreef ik zonder schroom: “Ik word columnist voor een groot week- of dagblad.” Maar aangezien enerzijds een beter wereld begint bij jezelf  en je anderzijds altijd klein moet beginnen, start ik maar een eigen blog. Wie weet door wie die allemaal gelezen wordt…

Izzy

PS: Kan iemand mij zeggen wie in het parlement op dit ogenblik het poëzieboekje van Bart De Wever  en Elio Di Rupo heeft?

Deel

delicious facebook twitter 

Downloads

  • Geen bestanden beschikbaar
  1. Track comments via RSS 2.0 feed. Feel free to post the comment, or trackback from your web site.

    Currently there are no comments related to article "Wat ik later worden wil".